Galblaas te weinig behandeld op dagkliniek

Op het congres van de Belgian Association for Ambulatory Surgery (BAAS) zei minister Vandeurzen in zijn openingstoespraak: “In vergelijking met andere landen brengen onze patiënten relatief veel tijd in het ziekenhuis door. Dagchirurgie kan die situatie bijsturen.” Het KCE pakte uit met concrete cijfers.

Het Kenniscentrum ging aan de slag in opdracht van Maggie De Block. Zij vroeg welke mogelijkheden er nog bestaan om een deel van het volume aan klassieke hospitalisaties bij geopereerde patiënten door de te schuiven naar dagchirurgie.

Soms koploper, soms slechte leerling

Het gebruik van daghospitalisatie verschilt sterk, zowel per indicatie als per ziekenhuis. Voor het verwijderen van keel- en neusamandelen, bijvoorbeeld, kan België een mooi nationaal gemiddelde voorleggen: 89% van die ingrepen vindt plaats via dagchirurgie.

Maar de variabiliteit is groot: een aantal ziekenhuizen halen amper iets meer dan 2,5%. Dat terwijl tijdens de bevraging 81% van de NKO-artsen geoordeeld had dat het verwijderen van keel- en neusamandelen een geschikte indicatie is voor dagchirurgie. Voor lensvervanging bij cataract ligt een nationaal gemiddelde van 95,5% voor. Opnieuw zijn er uitschieters, die een flink percentage patiënten voor minstens één nacht in het ziekenhuis opnemen. Maar globaal is ons land voor beide ingrepen bij de koplopers in Europa.

Moeilijker ligt met de cholecystectomie. In de bevraging vond 80% van de respondenten dat dagchirurgie hier zeker moet kunnen, zolang er aan een aantal randvoorwaarden voldaan is. Dat contrasteert sterk met het nationaal gemiddelde: de resultaten tonen een schamele 5,9%, terwijl er dan toch één ziekenhuis op 60% afklokt. Andere Europese landen halen veel hogere percentages, met nochtans zeer gunstige statistieken in het postoperatieve stadium. Dit zijn maar een paar voorbeelden. 

Financiering, organisatie en de macht der gewoonte

Werkgroepen van deskundige chirurgen en anesthesisten duidden deze resultaten.

  • Eén van de verklaringen die ze aanhaalden, is de financiering. Die is niet dezelfde voor alle indicaties. Cataractchirurgie, bijvoorbeeld, staat op een lijst van ingrepen waarvoor opname in het dagziekenhuis wordt vergoed. Het ziekenhuis ontvangt in dat geval 81% van een ligdag, wat niet slecht is als men er rekening mee houdt dat de ingreep zelf zowat 20 minuten in beslag neemt. Cholecystectomie staat niet op die lijst. In dat geval krijgt het ziekenhuis het maxiforfait, een bedrag dat veel lager ligt.
  • Bovendien hebben veel dagchirurgische centra weinig of geen eenpersoonskamers, waardoor er amper ereloonsupplementen kunnen worden aangerekend.
  • Andere obstakels zijn van organisatorische aard. Patiënten die laat op dag geopereerd worden, hebben soms niet meer voldoende recoverytijd tot op het ogenblik dat het dagziekenhuis sluit. Het probleem is des te groter omdat het OK zijn lichtere ingrepen (die per uitstek in aanmerking komen voor een dagopname) meestal later op de dag plant.
  • Ook de macht der gewoonte gooit flink wat gewicht in de schaal. Binnen de werkgroep waren sommige artsen ervan overtuigd dat een patiënt na een bepaalde ingreep noodzakelijk 24 uur intraveneuze antibiotica moet krijgen, terwijl andere resoluut aangaven dat een intraveneuze behandeling van 2 à 3 uur kan volstaan.
  • Opmerkelijk is dat ook de expertise van de chirurgen met minder invasieve operatietechnieken vrij sterk varieert. Daarom drongen de werkgroepen vooral aan op een adequatere financiering en het uitvaardigen van goede praktijkrichtlijnen.
  • Ook aan de patiënt gerelateerde factoren kunnen meespelen. Men kan bijvoorbeeld aarzelen om een alleenstaande na een ingreep nog dezelfde dag naar huis te laten gaan.

 

Methode: De onderzoekers zochten samenwerking met beroepsgroepen om advies in te winnen over welke ingrepen veilig kunnen worden uitgevoerd via een daghospitalisatie. Zo ontstond een lijst van 486 items. Het KCE verzamelde gegevens over alle patiënten die voor één van deze ingrepen naar het ziekenhuis kwamen in de periode 2011-2013. Patiënten met zware comorbiditeit werden buiten beschouwing gelaten, omdat deze groep hoe dan ook geen mogelijkheid biedt voor verschuiving naar dagchirurgie. Ook patiënten die tijdens de hospitalisatie overleden, stroomden niet door naar de statistiek.

Het rapport dat op het BAAS-congres werd voorgesteld, is een voorlopig document. Het moet nog worden goedgekeurd door de raad van bestuur van de KCE. Vermoedelijk wordt het eind deze maand gepubliceerd.

U wil op dit artikel reageren ?

Toegang tot alle functionaliteiten is gereserveerd voor professionele zorgverleners.

Indien u een professionele zorgverlener bent, dient u zich aan te melden of u gratis te registreren om volledige toegang te krijgen tot deze inhoud.
Bent u journalist of wenst u ons te informeren, schrijf ons dan op redactie@rmnet.be.