De maandenlange controverse rond de Kaderwet van Frank Vandenbroucke illustreert volgens Prof. Dominique Vandijck (Gezondheidseconomie UGent) illustreert het broze draagvlak in het zorgsysteem, waarin veel actoren vasthouden aan verworven rechten. In De Tijd beklemtoonde hij dat fundamentele hervormingen onvermijdelijk zijn. Dr. Nikolas de Meurechy en Frieda Gijbels (N-VA) zijn het daarmee eens, maar ze blijven scherp voor de werkwijze van de minister.
Prof. Vandijck (foto) begrijpt dat de minister vasthoudt aan het regeerakkoord en aan een strakke timing, want uitstel verhoogt het risico dat de zorg plots tegen haar limieten botst, met de patiënt als mogelijke dupe. In zijn ogen is de gezondheidszorg een complex adaptief systeem: maatregelen zoals de herziening van ziekenhuisfinanciering, supplementen, nomenclatuur en conventiegraden hangen nauw samen. Voor hem kan een transitie enkel slagen met betrokkenheid van artsen en andere zorgprofessionals. Hij pleit dan ook voor constructieve dialoog, nuance en gedeelde verantwoordelijkheid in plaats van polarisatie, om noodzakelijke hervorming om te zetten in gedragen verandering.
“Meest hervormingsgezind, minst geschikt”
Ook Nikolas De Meurechy (Bvas), die het verzet mee leidt, erkent de noodzaak van hervormingen en herijking van specialismen. Volgens hem is zelfs vanuit artsenzijde mee aan de nomenclatuurherziening gewerkt, omdat niets doen geen optie is. Toch is hij in De Tijd scherp voor de manier waarop de minister te werk gaat: “Het heeft geen zin om over supplementen te praten als we niet weten op welke manier de overheid de verouderde tarieven aanpast of de ziekenhuizen van meer subsidies voorziet. We moeten daar eerst duidelijkheid over krijgen en daarna evalueren wat al dan niet nodig is qua supplementen.”
De Meurechy noemt Vandenbrouckes aanpak ideologisch en dogmatisch: de Kaderwet zou verder gaan dan het regeerakkoord en elementen bevatten die passen binnen de “droom” van een Beveridge-model (type NHS, red.). Vooral de focus op supplementen in de ambulante zorg zou volgens hem steun vanuit het veld snel doen verdwijnen. De ironie, stelt hij, is dat Vandenbroucke tegelijk de meest hervormingsgezinde minister én door zijn aanpak mogelijk de minst geschikte is om grote hervormingen te realiseren
“Geen te strak keurslijf”
Vanuit parlementaire hoek deelt Frieda Gijbels (N-VA) het uitgangspunt dat hervormingen nodig zijn om zorg betaalbaar en kwaliteitsvol te houden, maar waarschuwt zij dat ze ook haalbaar én gedragen moeten zijn. Zij pleit voor meer betrokkenheid van zorgverleners en voor een koppeling tussen discussies over maximumsupplementen en bredere hervormingen van tarieven en ziekenhuisfinanciering, omdat al deze elementen met elkaar verbonden zijn. Daarnaast beklemtoont Gijbels dat voldoende professionele autonomie voor artsen essentieel blijft om patiënten de beste onderzoeken en behandelingen te bieden. Een te strak keurslijf zou volgens haar nefast zijn. Zij mikt op een uitgebreid parlementair debat.
Vandenbroucke wordt dus wel erkend als een minister met een duidelijke hervormingsdrive en urgentiebesef. Tegelijk uiten zowel zorgexperts, artsen als parlementsleden zorgen over draagvlak, tempo, communicatie en ideologische onderbouw. Het spanningsveld draait uiteindelijk rond de vraag hoe ver men kan gaan in het structureren en reguleren van zorg zonder autonomie, competitie en innovatie te fnuiken - en hoe men tegelijk de patiënt beschermt én het systeem toekomstbestendig maakt.
De kern blijkt niet de vraag óf er moet worden hervormd, maar hóe: van bovenaf gestuurd of via gedragen co-creatie met het veld. In deze context vallen de posities samen in een oproep tot dialoog, afstemming en wederzijds begrip, zodat noodzakelijke verandering geen bron van polarisatie wordt, maar wel een gezamenlijk project in het belang van de patiënt en de duurzaamheid van het zorgsysteem.








Laatste reacties
Christophe Breusegem
19 januari 2026Min Vandenbroucke moet stoppen met zijn hervormingsdrift…
Men moet niet hervormen ‘om te hervormen’
Men hoeft niet te “veranderen om te veranderen “
Hij is niet de enige minister die graag ‘hervormt’
Min Demir staat ook bekend met haar experimenteer in het Onderwijs …
Veel politici met ‘hervormingen ‘…
Min Vandenbroucke wil graag tonen dat hij het Belgisch zorgstelsel heeft “hervormd “…
Hij de grote veranderaar
In werkelijkheid verliest de zorgverlener zijn autonomie ( financieel en therapeutisch)
De stem en inspraak van de zorgprofessional moet véél meer betrokken en gehoord worden…..
Ons Belgisch zorgstelsel wordt als tweede best ervaren door de eigen bevolking!
Zie enquete Artsenkrant
(Op de 1ste plaats staat Zwitserland)
Mijn advies: “ Hou wat goed is.” Verbeter waar nodig.
Dus Min Vandenbroucke moet ons zorgsysteem niet ‘hervormen’
Zo slecht is het niet
Idem onze nomenclatuur
Min Vandenbroucke is een koele econoom en zijn acties in het verleden getuigen niet van grote bekwaamheid ……..( een leeg Zilverfonds, tanend Vlaams onderwijs, te laag aantal toegelaten artsen waardoor nu tekorten, Agusta affaire…)
Niet eens verkozen
Starre houding/ communicatie
Wél moet hij ons zorgsysteem bijsturen en aanpassen aan de realiteit en organisaties optimaliseren (bv de gepolitiseerde ziekenfondsen aanpakken die veel efficiënter kunnen werken / doelmatiger)
En ons zorgstelsel voorzien op toekomstige noden / tendensen
Ook moet de stem en inbreng van ‘experten’ zoals Prof Vandijck kritisch bekeken worden
Zij verzorgen geen zieke en zijn er niet verantwoordelijk voor….
Dat doen artsen en verpleegkundigen ea
Er moet méér aandacht en macht gaan naar de zorgprofessionals op de werkvloer!
Zorgverleners steunen en motiveren!
Nikolas De Meurechy
19 januari 2026En ondertussen ligt de nieuwe versie van de Kaderwet blijkbaar al klaar, noch voor het RIZIV tot een synthesedocument inzake de bezwaren van de evenredigheidsrichtlijn is gekomen. Zegt genoeg.