Planbureau verwacht stijging kost geneeskundige verzorging met 11 miljard tegen 2035

De reële uitgaven voor geneeskundige verzorging van de ziekte- en invaliditeitsverzekering zullen bij ongewijzigd beleid met 10,9 miljard euro toenemen tussen 2025 en 2035. Vooral de vergrijzing van de bevolking speelt daarbij een rol, zo blijkt dinsdag uit vooruitzichten van het Federaal Planbureau (FPB).

De vooruitzichten hebben enkel betrekking op het luik gezondheidszorg van de ziekte- en invaliditeitsverzekering en niet op de invaliditeitsuitkeringen. De grootste stijging zou gaan naar geneesmiddelen, gevolgd door een sterke toename bij de artsenhonoraria, de hospitalisaties en de verpleegkundige thuiszorg.
De stijging met bijna 11 miljard euro zou een gemiddelde jaarlijkse groei van 2,6 procent betekenen. Die groei zou daarmee volgens het Planbureau even hoog uitvallen als de voorbije vijf jaar (2,6 procent in 2020-2025), maar hoger dan in de voorafgaande periode (2,1 procent in 2015-2020).

Belangrijke factoren voor de toename van de gezondheidszorguitgaven zijn de vergrijzing van de bevolking en, in mindere mate, de groei van de bevolking. Die zijn volgens het Planbureau verantwoordelijk voor een derde van de toename van de gezondheidszorguitgaven.
In 2025 ging 6 procent van het bbp (37,7 miljard euro) naar de uitgaven voor geneeskundige verzorging van de ziekte- en invaliditeitsverzekering. De uitgaven hebben betrekking op het deel van de publieke gezondheidszorguitgaven binnen het kader van de verplichte verzekering.

Het grootste deel van de uitgaven ging vorig jaar naar de artsenhonoraria (31,0 procent), gevolgd door hospitalisaties (22,9 procent) en de farmaceutische verstrekkingen (18,6 procent). Andere relatief grote uitgaven waren de verpleegkundige thuiszorg (5,9 procent), de tandheelkunde (4,3 procent) en de kinesitherapie (3,5 procent).

De uitgaven zouden tegen 2035 het sterkst toenemen bij de drie grootste uitgavengroepen. De farmaceutische verstrekkingen zouden een bovengemiddelde groei kennen, onder meer door de stijging van de uitgaven voor innovatieve geneesmiddelen (+3,4 miljard euro), gevolgd door de honoraria van artsen (+2,2 miljard euro) en de verpleegdagprijs bij hospitalisaties (+2,1 miljard euro). Ook bij de verpleegkundige thuiszorg (+870 miljoen euro) en de kinesitherapie (+760 miljoen euro) verwacht het Planbureau sterke toenames.

U wil op dit artikel reageren ?

Toegang tot alle functionaliteiten is gereserveerd voor professionele zorgverleners.

Indien u een professionele zorgverlener bent, dient u zich aan te melden of u gratis te registreren om volledige toegang te krijgen tot deze inhoud.
Bent u journalist of wenst u ons te informeren, schrijf ons dan op redactie@rmnet.be.