“Is het verkeerd dat universiteiten actief zijn in de tweedelijnszorg?” (Frank Vermassen)

Professor dokter Frank Vermassen staat sinds 1 september 2019 mee aan het roer van het UZ Gent als hoofdarts. Twee jaar en drie covidgolven verder maken we een balans op met vooral een blik op verplichte vaccinatie, het Gentse netwerklandschap, accreditatie en ziekenhuisfinanciering.

“In de eerste plaats zijn de netwerken geconcipieerd om de basiszorg te organiseren. Dat in Gent één ziekenhuis tot een ander netwerk behoort maakt de situatie complexer maar betekent niet dat dit samenwerking in de weg staat”, steekt hij van wal. Of een universitair ziekenhuis (UZ) in eenzelfde netwerk als algemene ziekenhuizen (AZ’s) plaatsen niet extra moeilijk is?

F.V.: “Daarvoor zijn zowel argumenten pro als contra aan te dragen. Wil je de UZ’s vooral laten focussen op hun derde-en vierdelijnspathologie, dan was het fout om ze in de netwerken te plaatsen. Maar dan is de evolutie binnen de bestaande netwerken van algemene ziekenhuizen om zoveel mogelijk supraregionale zorg in het eigen netwerk te houden, ook contraproductief.”

“De universiteiten in de netwerken incorporeren heeft ook gemaakt dat ze tevens voor een stuk actief zijn in de tweedelijnszorg. Maar is dat verkeerd? Het grootste UZ in Vlaanderen is nog altijd Leuven. Dat is eveneens het grootste tweedelijnsziekenhuis in die regio. Het marktaandeel van het UZ in de stad Leuven bedraagt er 60 tot 70%. Dat omvat duidelijk niet alleen derdelijnspathologie. Het UZ Leuven begeeft zich veel meer op de tweede lijn dan wij hier in Gent, wat ook deels het verschil in taille verklaart tussen beide UZ’s. Voor Leuven biedt dat het voordeel dat ze zich net wegens die grotere taille ook meer in bepaalde niches kunnen (sub)specialiseren.”

“De netwerkvorming komt dus niet overeen met het concept dat eigenlijk bedoeld was, tot daar. Ook een ander concept kan waarde hebben. Maar de consequenties zijn dan ook anders.”

Hoe moet het dan in Gent verder met die netwerken?

“We willen met alle netwerkpartners de basiszorg verzekeren. Daarnaast hebben we  met AZ Sint-Lucas een overeenkomst gesloten om intens samen te werken voor de derdelijnsprogramma’s.. Bedoeling is om de activiteit te bundelen maar deze op de twee campussen te behouden. Het beddenaantal laat ons toe om een specialisatie uit te bouwen die groter is dan wat we elk apart kunnen. De stap nadien is ongetwijfeld dat we met ons Ziekenhuisnetwerk Gent (ZNG) en het E17-netwerk tot een sterkere samenwerking komen. Niet alleen in Gent, maar ook in de Vlaamse Ardennen (met Ronse, Oudenaarde en Zottegem, red.).”

Intussen is de gestandaardiseerde laagvariabele zorg waarop u kritiek had, doorgeslikt?

“De invloed daarvan is geringer dan gedacht. De scope ervan blijft ook beperkter dan oorspronkelijk bedoeld al zit er wel nog altijd een blijvende neerwaartse spiraal ingebouwd als mechanisme. Maar er ligt nu een ander plan voor met de hervorming van de nomenclatuur en een nieuw financieringsmodel. Deze minister heeft de ambitie om een aantal palen in de grond te heien van een project waarvan ik vrees dat men de complexiteit wel wat onderschat, alleen al wegens de hervorming van de nomenclatuur. Simpelweg de nieuwe libellering is om te beginnen niet evident.”

“In eerste instantie wordt er dan gemikt op  een her-ijking binnen het specialisme. Maar dat vervolgens ook interdisciplinair realiseren? Dan vrees ik dat één legislatuur niet zal volstaan. Je moet iemand die ambitie heeft, natuurlijk altijd bewonderen...”

Naar de brandend hete actualiteit: moet zorgpersoneel verplicht gevaccineerd worden?

“Ik heb het principieel wat moeilijk met verplichtingen. Anderzijds is het problematisch als personeelsleden de infecties in ziekenhuizen zouden binnenbrengen. Ik hoop dat een verplichting niet nodig is, we halen in Vlaanderen een hoge vaccinatiegraad.”

Jullie kwamen ook in het nieuws met jullie nieuwe accreditatiemodel. Hoe ver staat het daarmee?

“Goed. Ons model stoelt op drie pijlers. De eerste pijler is het opstellen van een eigen normenkader. Dat  kwam op een participatieve wijze tot stand en legt 46 normen vast die de medewerkers zelf belangrijk vinden, zonder externe inmenging van bvb Niaz/Qualicor. Heel wat anders dus dan de afvinklijsten met duizenden items.”

“De tweede pijler bestaat uit benchmarking nationaal en internationaal. Op nationaal vlak kennen we al heel wat indicatoren. Op internationaal vlak zijn er stappen gezet met zowel Karolinska in Stockholm als met het Rigshospitalet in Kopenhagen, en er zijn ook contacten gelegd in Nederland. De eerste benchmarking  voorzien we concreet in september. Daarvoor viel de keuze op enkele oncologische items en mucoviscidose.”

“Derde pijler is de externe toetsing om blinde vlekken in ons systeem op te sporen. De auditerende partij treedt er eerder als partner op dan als controlerend orgaan, ze helpt ons eigenlijk om het kwaliteitssysteem verder te verbeteren. Daar kan nog plaats zijn voor Qualicor of een andere externe auditor. We zullen dus continu meten en veel sneller op de bal spelen.”

Waar wil u prioriteren de volgende maanden en jaren voor uw ziekenhuis?

“We zullen ruim 100 miljoen, gespreid over drie jaar, investeren in medische technologie, innovatie en bijpassende infrastructuur. Vrij ambitieus is dat, meer communicatie volgt ongetwijfeld nog.”

“Verder heb ik een vrij duidelijke visie over de plaats van een UZ in het ziekenhuislandschap, maar het is nog iets te vroeg om daarmee naar buiten te komen.”

Stel dat u minister Vandenbroucke was. Wat pakt u eerst aan?

“De financiering van de gezondheidszorg. Het systeem loopt op zijn limieten. De betaling per prestatie doet mensen steeds meer werken om steeds minder over te houden.”

“Men moet ook de zorgkwaliteit verder proberen te stimuleren, covid onder meer maakte duidelijk dat we meer handen aan bed moeten hebben, en de zorg vooral ook efficiënter organiseren. Daaraan gekoppeld dienen we de verschillende functies van de gezondheidswerkers uit te klaren. Het recente rapport van de covidcommissie suggereerde dat ziekenhuispersoneel daarvoor naar de WZC’s zou worden overgeheveld, maar dat is iets te kort door de bocht. Die overheveling tijdens de eerste golf werkte goed als crisismaatregel, maar je kunt er niet structureel op bouwen. De mensen in de WZC’s moeten zelf dergelijke crisissen kunnen aanpakken mits voldoende ondersteuning. Dat als voorbeeld om aan te tonen dat kwaliteitszorg op verschillende niveaus versterkend werkt, maar ook dat de verantwoordelijkheden duidelijk afgelijnd moeten worden.”

En drie: meer homogene bevoegdheidspakketten graag.”

 

U wil op dit artikel reageren ?

Toegang tot alle functionaliteiten is gereserveerd voor professionele zorgverleners.

Indien u een professionele zorgverlener bent, dient u zich aan te melden of u gratis te registreren om volledige toegang te krijgen tot deze inhoud.
Bent u journalist of wenst u ons te informeren, schrijf ons dan op redactie@rmnet.be.